Home             door Jan Hanssen


Het tijnsboek van het land van Kessel uit 1652 kerspel (Maas)Bree.
Algemeen Rijksarchief Brussel.
Archief van de Rekenkamer, inv.nr. 51.691.
 
Transcripties zijn getypte versies van oude of moeilijk leesbare teksten. Meestal een combinatie van beiden. Ze worden gemaakt om diegenen, die deze teksten niet kunnen lezen, toch kennis te laten nemen van de inhoud. In het huidige digitale tijdperk zijn deze teksten, middels een zoekfunctie, dan weer snel en eenvoudig door te nemen op een bepaald woord.
De teksten worden ook gemaakt om deze begrijpelijk te maken voor de lezer. Daarom worden bij het transcriberen ook enige vrijheden toegestaan, ja zijn zelfs noodzakelijk! We moeten dan denken aan het toevoegen van leestekens (punten, komma's e.d.), het toevoegen of weglaten van hoofdletters (en bijge­volg ook van kleine letters), het veranderen van spaties, het omzetten van ij in y en vice versa en het oplossen van afkor­tingen.
Het toevoegen van leestekens is vaak handig om de leesbaarheid te verhogen. In de oude teksten staan immers vaak helemaal geen leestekens. We weten ook allemaal hoe cruciaal de plaat­sing van een komma kan zijn: het maakt de tekst heel wat duidelijker. Anderzijds is het natuurlijk ook zo, dat bij verkeerde plaatsing van zo'n komma, de tekst verkeerd begrepen kan worden. Kortom: het toevoegen van leestekens is vaak noodzakelijk, maar soms ook moeilijk.
Simpel zijn de hoofdletters. Zij worden toegevoegd wanneer tegenwoordig wel hoofdletters worden gebruikt. Namen van personen of plaatsen worden in een transcriptie altijd met een hoofdletter geschreven, ook al staat in de originele tekst een kleine letter. Bijvoorbeeld: baerloe wordt Baerloe, jacobs wordt Jacobs. Daarentegen worden woorden, die in de originele tekst met een hoofdletter werden geschreven, maar geen plaats- of familienaam zijn, hun hoofdletter afgenomen en vervangen door een kleine letter. Dit natuurlijk met uitzondering van het eerste woord in een zin!
Simpel is in feite ook het gebruik van spaties. Woorden die in het origineel aan elkaar geschreven stonden, maar tegen­woordig los, worden in de transcriptie los geschreven: opt wordt op 't, guert Vandenertwegh wordt Guert van den Ertwegh. Woorden daarentegen, die in de tekst los van elkaar, maar tegen­woordig aan elkaar worden aan elkaar geschreven: daer ende teghen wordt daerendeteghen, neit teghen staende wordt neitteghenstaende.
Het transcriberen van de ij of de y is voor sommigen steeds weer een onduidelijke zaak, maar in feite toch vrij simpel. Wat er ook in de originele tekst staat (een y of een ij), de letter wordt omgezet naar het huidige gebruik. Ietwat complicerend is vaak het feit dat tegenwoordig in veel woorden geen y of ij meer staat maar een i. De oplossing is echter simpel: in dat geval een y! Bijvoorbeeld: by wordt bij, huijs wordt huys.
Het oplossen van afkortingen is soms lastig. Wordt vs. omgezet in voorseyt of voorschreven. Soms is de oplossing in de origi­nele tekst te vinden, wanneer de schrijver zelf een van beide varianten voluit gebruikt. Andere oplossingen zijn 100% duide­lijk. De voornaam "Joes" wordt altijd omgezet in Joannes, Petr9 wordt Petrus, fol. wordt folio etc. etc
 
Nogmaals:
transcripties worden gemaakt om een tekst leesbaar te maken! 
 
Dank ben ik verschuldigd aan de Maasbree-kenster bij uitstek: Nel Mulders-Thijssen, voor het nakijken en opsporen van fouten in deze transcriptie. Zij behoedde me voor een aantal stommiteiten!
Mochten er desondanks fouten of onduidelijkheden in de tekst zijn terecht gekomen of achter gebleven, dan komen die volledig op het conto van ondergetekende. Ik zou het echter zeer op prijs stellen indien dergelijke feilen aan mij zouden worden doorgegeven, zodat de tekst verbeterd kan worden.
 
Jan H. Hanssen
Pastoor Geenenstraat 17
5991 BH Baarlo
077 477 3912
j.h.hanssen@home.nl

Naar de transcriptie [klik op voorgaande]