Jacques Rutten;     Nr 338. 01-07-1796    RAL, Schepenbank Helden, inv nr 30, blz 378

tekst in blauw geeft links aan naar onderliggende bladzijden


 
Donatie door Leonard Jeuken
In marge: Donatie van Leonard Jeuken van alle sijne ongereede patrimoniaele erfgoederen
ten behoeve van Anthon Gielen en Elisabeth Jeuken eh[eluyden]
 
Wij P.H. Cremeren scholtis, Arnoldus Gisberts en Peter Verhaegh, beyde schepenen der heerlijkheydt Helden, doen cond, tuygen en certificeeren cragte deses, dat voor ons in persoone gecompareert en erscheenen is den jongman Leonardus Jeuken, gaende ter straeten en stegen, sijn verstand, memorie en vijf sinnen volcomentlijk magtig, gelijk aen ons kennelijk heeft gebleken, verklaerende sonder inductie of persuasie van jemant, overgegeven, gecedeert en getransporteert te hebben, gelijk hij overgeeft, cedeert en transporteert bij desen, aen en ten erffelijken behoeve van Anthon Gielen, in houwelijk hebbende compnts suster Elisabeth Jeuken, alle sijne patrimoniaele of aengestorvene ongereede erfgoederen, uytstaende gelderen en capitaelen, geene hoegenaemt uytgesondert, ende generalijk alle waer toe hij ingevolg dispositie der landrechten berechtigt zijn mogte.
Van welke alle ongereede goederen en vrugten van dien de acceptanten nu aenstonts possessie nemen konnen, en sulx voor sijn levens onderhoud, kleagie in linnen en wollen, oppassinge in gesondheyt en krankheyd, wie mede tamelijk sack- of teergeld, voorts generalijk alle ligchamelijke noodsaekelijkheyd tot sijnen sterfdag toe, en te volgende honette begraeffenisse en uytvaert, op welke acceptanten twee malder rogge aen d'armen alhier sullen uytdeelen.
En sullen alnog gehouden zijn immediaet naer doodt van den gever hondert guldens Cleefs aen den tijdelijken heere pastoor alhier te geven om door selven aen de behoeftige armen deser gemeente gedistribueert te worden. Zoo den gever edog, soo in als buyten krankheyd, tot sijnen sterfdag toe sijne behoorlijk onderhoud en oppassinge niet soude hebben, sal hij sig bij iemant anders op kosten van acceptanten behoorlijk en tamelijk mogen besteeden.
Welken volgens heeft den comparant voor ons uytgegaen ten behoeve van voorn zijnen swager en suster alle recht tgeene hij tot de voornoemde aengestorvene ongereede goederen, wie mede die genige gerechtigheden ingevolg voorn landrechtelijke dispositie heeft gehad; verklaerende voortaan daar aan geen recht meer te hebben.
Voorts verklaert den compnt dat inval de voorgeroerde goederen en gerechtigheden meerder mogte waerdig zijn als 't gene hier boven is gespecificeert, hij de selve cragte deses bij wege van donatie inter vivos liberalijk en instantelijk aen sijnen meergemelten swager en suster Anthon Gielen en Elisabeth Jeuken ehel is overgevende, de welke hier present sulx hebben geaccepteert, onder belofte van den geëxprimeerden last in allen deelen te voltrecken.
Ten effecte van dien heeft den comparant overgever, wie ook de acceptanten, ehel in 't besonder onder eede voor ons afgedraegen, dat dese donatie sonder eenige geveynstheyt nogte heymelijk besprek nogte belofte is geschiet van den donator 't gegevene in eenige gevallen, naer dat de gifte volkomen effect heeft genomen, wederom te geven.
Oversulx hebbe ick scholtis voorss den compnt van dese voorgeroerde ongereede goederen ontvest, ontgoet en onterft, de meergemelte acceptanten daer aen gevest, gegoet en geërft, den heere en een iders goed hebbende recht voorbehouden.
Des ter oirconde hebben den gever en acceptanten dese, beneffens de voorn gerigtspersoonen en secris eygenhandig, nae duydelijke voorlesinge, onderteekent, tot Helden, den eersten julii 1700 ses ennegentig.
Waeren geteekent:  Leonardus Jeucken;  Antonius Gielen;  dit zijn de X X X handmerkten van Elisabeth Jeuken schrijvens oncondig;  G. Stoffels testis;  P.H. Cremeren;  A. Gisberts;  P. Verhaegh;  G. Stoffels secris.
 
 
 
Er zijn in dit geval twee akten, met dezelfde comparanten, kort na elkaar. De eerste keer betreft het de gereede goederen, de tweede keer de ongereede.